Tag Archives: bloggen

Tik dat halfuurtje vol! – Het blogevangelie van Ernst-Jan Pfauth

Ik wil bloggen. Bloggen vind ik leuk. Ik wil sowieso schrijven. Want schrijven vind ik leuk. Maar op de een of andere manier komt het er veel minder van dan ik wil en dan ik me iedere keer voorneem. Er is namelijk altijd wat anders te doen. En als er niets anders te doen is, zijn er altijd Twitter en Facebook (het is trouwens onzin om sociale media de schuld te geven – als die dingen er niet waren, waren er nog altijd rondslingerende dichtbundels, mijn gitaar, de krant, de televisie, een koelkast vol eten, een tuin om in te snoeien, etc.). Continue reading

Update: blogjes hier en daar, curation tools

Gewoon zomaar intikken waar je mee bezig bent (geweest). Sommige mensen doen dat op een blog, dus laat ik het ook eens proberen.

Allereerst schreef ik mijn eerste stukje voor 42bis.nl, een blog over web en webcultuur (dat ook bedoeld is om freelance opdrachten op te leveren). Mijn wat laconieke benadering van SEO werd door sommigen fel bekritiseerd.

Wat langer geleden al schreef ik voor het eerst een stukje op De Contrabas, alwaar mijn voormalig criticaster Chrétien Breukers de scepter zwaait. De samenwerking smaakte naar meer. Hoe dat vorm gaat krijgen weet ik nog niet – nou ja, eigenlijk heb ik al een heel aardig idee hoe dat vorm gaat krijgen, maar ik vertel het gewoon nog even niet. Hou deze pagina (c.q. de rest van het literaire web) maar gewoon in de gaten ;-)

Verder weer met curation-tools aan het stoeien. Scoop.it werkt op zich prima als sharing tool, maar ik merk dat ik weinig zin heb om naar hun website te gaan of hun app te gebruiken. Reden: de suggestion engine. Moet ik daar nou WEER mijn streams gaan instellen? Wat ik wil lezen komt al binnen op Twitter, Tumblr, Facebook en Google Reader.  Dáár staat wat ik wil lezen en eventueel sharen. Het gevolg is dat ik Scoop.it eigenlijk maar half gebruik.

Dus ben ik met paper.li gaan klooien. Ik heb een heleboel apart gezette twitter-accounts weer in mijn timeline gehaald (die lists las ik toch nooit) en toen van mijn timeline een paper.li krantje gemaakt. Nu heb ik iedere dag in mijn e-mail een overzicht van de belangrijkste gesharede links uit mijn Twitter. Geinig, je hoeft niet door je streams te scrollen uit angst dat je iets mist en het leest lekker (inderdaad net alsof je ‘s ochtends je krantje krijgt). Ik ga nu kijken of ik een soort ‘boekenbijlage’ voor algemene consumptie kan maken op deze manier.

Verder ook nog maar weer eens naar Tumblr gekeken. Daar was een hoop ten goede veranderd. Zo kun je inmiddels je Twitter-, Facebook- en GMail-accounts op Tumbelaars laten doorzoeken, zodat je je bestaande vrienden kan volgen. Verder overheerst nog steeds het ‘ik heb al een blog’-gevoel daar. Maar ik zal er wel iets vaker komen, denk ik.

En dan gaat Brainsley binnenkort live. Wat Brainsley betreft heb ik steeds meer twijfels gekregen. In een discussie met wat andere internetmensen zei iemand ‘maar het zijn juist de foto’s van de hond die het leuk maken’. En inderdaad, realiseerde ik me, is het feit dat je met mensen te maken hebt, mensen die dan wel echt helemaal alles weten van deeltjesversnellers en het zonnestelsel, maar die ook Cocker Spaniëls houden, dat mensen zichzelf laten zien in hun streams, hun eigen perspectief en duiding toevoegen aan de feiten, een van de meest aantrekkelijke kanten van het web.

Ik pieker hier nog even over en schrijf er dan mijn volgende 42bis-stukje over, denk ik.

Nieuwe curation-tool op proef: Scoop.It

Toen ik dit blog startte schreef ik dat ik graag meer aan curation wilde doen, het voor mijn lezers verzamelen van bezienswaardigheden op het web. WordPress, de blogsoftware die ik gebruik, heeft daar een tooltje voor dat PressThis heet en dat WordPress als curationplatform zou moeten laten concurreren met bijvoorbeeld Tumblr.

Probleem is, PressThis werkt prima op blogs die bij WordPress.com draaien maar heb je je eigen serverruimte dan krijg je het rotding alleen met veel gegrom en een flinke portie mazzel aan de praat. Ik heb het na een paar pogingen opgegeven en vanaf dat moment was ik weer aangewezen op copy-pasten van webpagina’s. Dat was zo omslachtig dat ik vaak als ik iets leuks vond uiteindelijk niet de moeite nam om het op mijn blog te zetten. Resultaat: een nogal stil blog en een enorme bak ‘starred items’ in mijn Google Reader.

Ik was dus dringend op zoek naar een nieuwe curation tool. Ik heb er een heleboel bekeken en Scoop.It leek het meest veelbelovend. Ondertussen had ik mezelf echter ook (eindelijk) op een Android-telefoon getrakteerd, die ik voornamelijk gebruikte en gebruik om er mijn nieuwsfeeds op te lezen. Nieuwe voorwaarde dus was dat ik ook kon curaten vanaf dat apparaat. Helaas kon dat met Scoop.It nog niet. Maar dat is vorige week veranderd. Dus vanaf nu cureer ik met Scoop.It, vanaf mijn telefoon.

Al mijn ‘scoops’ worden op de site van Scoop.It in een online magazine gezet. Je kunt ze daar bekijken, maar je kunt ook gewoon dit blog blijven volgen en eventueel onder de post direct doorklikken naar de bron, zoals in het geval van de koffiebonen naar Lost At E Minor, nog steeds mijn favoriete cultuurcuration-blog.

De komende tijd ga ik lekker met Scoop.It klooien (en mijn bak met starred items leegmaken). Laat me weten wat jullie ervan vinden!

Jeroen Dera op Ons Erfdeel over social media en literatuur

Ik ben geen letterkundige. Ik heb maar gewoon HTS. Daar heb ik, dat durf ik best toe te geven, af en toe last van. Een dichtersego is al zo kwetsbaar en dan heb je ook nog al die doctorandussen de hele tijd om je heen. Om gek van te worden.

Jeroen Dera is zo’n doctorandus. En om mijn ego een plezier te doen schreef hij dit artikel op het blog van Ons Erfdeel.

Continue reading

Google Ads: turn-off of noodzakelijk kwaad? [poll]

Nou, ze zijn gearriveerd: de Google Ads. Na de eerste post op de homepage en onder de titel van iedere post plaatst Google op mijn verzoek advertenties waarvan een of ander algoritme denkt dat ze zullen aansluiten bij de interesses van mijn lezers. Jullie dus. Voor iedere keer dat er op de advertenties geklikt wordt ontvang ik een X bedrag. Ook dat bedrag wordt trouwens berekend door onnavolgbare kabouters ergens in de kelders van Google dus de inkomsten per klik zijn op zijn zachtst gezegd onvoorspelbaar. Toch zijn de AdSense-advertenties meestal het eerste middel waar webmasters naar grijpen – en ik ben daarop geen uitzondering – om iets te verdienen aan hun site.

Advertenties plaatsen doe je niet voor je lol. Dat doe je om de zaak betaalbaar te houden en om, wie weet, ooit nog eens wat te verdienen aan je site. Over advertenties in papieren tijdschriften hoor je niemand, maar op websites (en zeker op persoonlijke blogs) is het echt weer zoiets waar iedereen een mening over heeft. Daarom hier wat uitleg en, om erachter te komen wat jullie ervan vinden, een poll.

Continue reading

Wat ik wil met deze site

Net toen ik besloot het bloggen veel serieuzer te gaan aanpakken, ergens deze zomer, knalde mijn blogprovider web-log.nl eruit. De technische problemen daar bleven maar duren (en zijn nog steeds niet opgelost) dus ik besloot – nadat ik Hanta in elkaar had geknutseld – eindelijk werk te maken van een eigen, zelfgebouwde site.

Wat ga ik hier doen? Nou, allereerst wil ik maar weer eens wat nieuwe poëzie gaan publiceren. Er ligt inmiddels al weer heel wat en af en toe krijgen jullie hier dus een sneak preview van mijn nieuwe bundel, gepland voor 2013/14. Continue reading