Gewoon zomaar intikken waar je mee bezig bent (geweest). Sommige mensen doen dat op een blog, dus laat ik het ook eens proberen.
Allereerst schreef ik mijn eerste stukje voor 42bis.nl, een blog over web en webcultuur (dat ook bedoeld is om freelance opdrachten op te leveren). Mijn wat laconieke benadering van SEO werd door sommigen fel bekritiseerd.
Wat langer geleden al schreef ik voor het eerst een stukje op De Contrabas, alwaar mijn voormalig criticaster Chrétien Breukers de scepter zwaait. De samenwerking smaakte naar meer. Hoe dat vorm gaat krijgen weet ik nog niet – nou ja, eigenlijk heb ik al een heel aardig idee hoe dat vorm gaat krijgen, maar ik vertel het gewoon nog even niet. Hou deze pagina (c.q. de rest van het literaire web) maar gewoon in de gaten ;-)
Verder weer met curation-tools aan het stoeien. Scoop.it werkt op zich prima als sharing tool, maar ik merk dat ik weinig zin heb om naar hun website te gaan of hun app te gebruiken. Reden: de suggestion engine. Moet ik daar nou WEER mijn streams gaan instellen? Wat ik wil lezen komt al binnen op Twitter, Tumblr, Facebook en Google Reader. Dáár staat wat ik wil lezen en eventueel sharen. Het gevolg is dat ik Scoop.it eigenlijk maar half gebruik.
Dus ben ik met paper.li gaan klooien. Ik heb een heleboel apart gezette twitter-accounts weer in mijn timeline gehaald (die lists las ik toch nooit) en toen van mijn timeline een paper.li krantje gemaakt. Nu heb ik iedere dag in mijn e-mail een overzicht van de belangrijkste gesharede links uit mijn Twitter. Geinig, je hoeft niet door je streams te scrollen uit angst dat je iets mist en het leest lekker (inderdaad net alsof je ‘s ochtends je krantje krijgt). Ik ga nu kijken of ik een soort ‘boekenbijlage’ voor algemene consumptie kan maken op deze manier.
Verder ook nog maar weer eens naar Tumblr gekeken. Daar was een hoop ten goede veranderd. Zo kun je inmiddels je Twitter-, Facebook- en GMail-accounts op Tumbelaars laten doorzoeken, zodat je je bestaande vrienden kan volgen. Verder overheerst nog steeds het ‘ik heb al een blog’-gevoel daar. Maar ik zal er wel iets vaker komen, denk ik.
En dan gaat Brainsley binnenkort live. Wat Brainsley betreft heb ik steeds meer twijfels gekregen. In een discussie met wat andere internetmensen zei iemand ‘maar het zijn juist de foto’s van de hond die het leuk maken’. En inderdaad, realiseerde ik me, is het feit dat je met mensen te maken hebt, mensen die dan wel echt helemaal alles weten van deeltjesversnellers en het zonnestelsel, maar die ook Cocker Spaniëls houden, dat mensen zichzelf laten zien in hun streams, hun eigen perspectief en duiding toevoegen aan de feiten, een van de meest aantrekkelijke kanten van het web.
Ik pieker hier nog even over en schrijf er dan mijn volgende 42bis-stukje over, denk ik.