Liefdesliederen – Hadewijch

‘Hadewijch leefde in de dertiende eeuw in Brabant; meer is er niet over haar bekend.’ Dat staat in de binnenflap van de Perpetua-uitgave van haar ‘Liefdesliederen’. Dat is niet helemaal waar: we weten nog wel het een en ander. We weten namelijk dat Hadewijch ongetrouwd was maar geen non (een uitzonderlijke positie in haar tijd) en we weten, niet onbelangrijk, dat ze schreef.

Continue reading

Grote Broer ziet u! Over vooruit en achteruit vertalen [repost]

Ik verzamel de door Athenaeum, Polak & van Gennep uitgegeven Perpetuareeks. Die bevat de 100 belangrijkste boeken uit de wereldliteratuur. Vanuit een Nederlands perspectief, dat wel, want in een echte top-100 van de wereld zouden Huizinga, Elsschot en Gorter niet zo snel voorkomen natuurlijk. Het is een mooi uitgegeven reeks en veel van de boeken zijn speciaal opnieuw vertaald als er geen recente vertaling voor handen was. Zo tekende Barber van de Pol voor een hele mooie Moby Dick, bijvoorbeeld. Mindere vertalingen zijn er ook bij: Jan Kuijper wist alle dubbelzinnigheid uit de poëzie van Hadewijch te slaan (met als excuus dat hij zingbare teksten – de originele Strofische Gedichten waren bedoeld om gezongen te worden op troubadoursmelodiexebn – wilde maken. Prima, maar de gemiddelde Perpetua-lezer wil volgens mij lezen, en niet in sinterklaasrijm met Hadewijch meebalken) en de keuze van vertaler Gerard Koolschijn om van de dialogen van Plato proza te maken, daar weet ik het ook nog zo net niet mee.

Continue reading